suïcide in de sociaaleconomische sector

Soms kan één gesprek of slechts één vraag het verschil maken
Het belang van praten over suïcide in de sociaaleconomische sector

‘De meeste mensen willen niet dood, maar ze willen af van hun pijn, verdriet en problemen’, aldus Judith de Heus, klinisch psycholoog en manager hulpverlening bij 113 Zelfmoordpreventie. ‘Afgelopen week werd ik gebeld een vakbondmedewerker. Zij belde naar onze collegiale overleglijn voor advies over een cliënt die ineens zonder baan zat en wilde dat zijn leven ophield. Schrik is vaak de eerste reactie. Wat kan je doen? En wat moet je doen? Ongeveer de helft van de adviesvragen van gatekeepers – mensen die geen zorgprofessional zijn maar in hun werk wel in aanraking komen met mensen met suïcidale gedachten zoals deze vakbondmedewerker – gaan over een verlieservaring van een cliënt. Vaak gaat het om verlies van een relatie of van werk. Dit zelfde beeld zien we in onze crisislijnen (zie kader). Grofweg 30% van de telefoons en chats met mannelijke hulpvragers gaat over (dreigend) verlies van werk en inkomen.

Judith de Heus

Suïcidaliteit is een optelsom van allerlei soorten verlies

‘Werk is essentieel in onze cultuur en een hoog streefniveau is vaak dominant. Het verlies van werk of het door ziekte langdurig thuis komen te zitten, kan daarom heel ingrijpend zijn voor mensen. Hoeveel iemand kan dragen en of iemand daarvan suïcidaal wordt is niet afhankelijk van de ernst van het verlies, maar van iemands vermogen om met dit gevoel om te gaan en hoop te houden. Daarnaast liggen aan suïcidaliteit diverse factoren ten grondslag: biologische factoren, maar ook omgevingsfactoren en zeker culturele aspecten spelen mee. Het is zelden of nooit terug te voeren op één enkel aspect’, legt Judith de Heus uit. ‘Ook zien we veel verschillen tussen mannen en vrouwen. En dat blijkt ook uit de cijfers. Volgens het CBS was van het totaal aantal mensen dat in 2016 een einde aan zijn of haar leven maakte, 70% man.’

Er is nog onvoldoende bekend over de redenen waarom mannen vaker overlijden door suïcide dan vrouwen. Onderzoek laat tegenstrijdige resultaten zien. Een belangrijke aanname is dat mannen vaker een gewelddadige methode kiezen bij een suïcidepoging, die eerder fataal is. Een andere aanname is dat dat mannen vaker in de knel komen vanwege rolpatronen. Ze ervaren druk vanuit zorg voor het gezinsinkomen en door statusverlies. Daarnaast krijgen mannen vaak minder sociale steun na het verlies van een partner. Ook is er een verband met het gebruik van alcohol en drugs. Deze middelen verlagen de drempel om jezelf te beschadigen en vergroten de impulsiviteit.

Taboe op praten over zelfmoord

‘Maar het grootste punt is nog steeds het taboe dat rust op praten over zelfmoord’, vertelt Judith de Heus verder. ‘Mensen die met suïcidegedachten rondlopen, praten er vaak niet over omdat ze denken dat niemand hen begrijpt. Ze voelen zich schuldig over hun gedachten, begrijpen het zelf ook niet goed of zijn bang dat anderen dan voor hen gaan beslissen wat goed is (bijvoorbeeld een opname). Met name mensen die uit zichzelf al niet gemakkelijk praten of weinig mensen in hun omgeving hebben om mee te praten zullen deze  ideeën als extra drempel ervaren. Bovendien versterken suïcidale gedachten het gevoel nergens bij te horen en dat anderen beter af zijn zonder je, waardoor mensen zich verder terugtrekken.’

Geef erkenning met een nuchtere, empathische en betrokken houding
Het allerbelangrijkste en eigenlijk ook het meest gewone wat je kunt doen is contact maken met iemand waar je je zorgen om maakt. We weten uit ervaringsverhalen dat zoiets simpels als iemand een geïnteresseerde vraag stellen, suïcidale mensen al uit hun suïcidale tunnel kan halen. Ze hebben weer even oog voor wat er om hun heen gebeurt en dat staat haaks op hun neiging zich terug te trekken; dat helpt. Vraag iemand bijvoorbeeld of hij het zwaar vindt om schulden te hebben. Of vraag iets over kinderen of andere mensen naast degene waar je je zorgen om maakt. Wanneer iemand vertelt over suïcidale gedachten is het belangrijk om eerst erkenning te geven voor de pijn en het gevoel klem te zitten. Daarbij past een nuchter empathische en betrokken houding.

Laat iemand weten dat je je zorgen om hem maakt. Het is niet gek om iemand te vragen of hij zijn situatie soms zo zwaar vindt dat hij het niet meer ziet zitten of wil dat het gewoon ophoudt. Vaak geeft dit veel opluchting. Als iemand je vertelt dat dit klopt is het belangrijk daar niet alleen mee rond te blijven lopen. Raad iemand aan om hulp te zoeken of schakel het samen met deze persoon in. Je kunt vervolgens iemand adviseren om hetzelfde verhaal met een familielid of vriend te bespreken of met de huisarts. Ook contact leggen met 113 is altijd een optie. Als je twijfelt, bel 113 om mee te denken. En als het te onveilig is bel 112.

Tip: Volg de (incompany) Suïcidepreventietraining Gatekeeper

Om de signalen te herkennen van iemand met suïcidale gedachten én om zelfmoord bespreekbaar te maken, is de Suïcidepreventietraining Gatekeeper ontwikkeld. De Suïcidepreventietraining Gatekeeper is een kennis- en vaardigheidstraining met verwijsmogelijkheden en de hierbij behorende aandachtspunten. Landelijk zijn inmiddels honderden mensen getraind als gatekeeper. ‘Ik adviseer schuldhulpverleners, maar ook mediators, deurwaarders en zelfs rechters om deze training te volgen. Niemand kan in zijn eentje suïcide kan voorkomen. Dat kan alleen samen: met de naasten, met collega’s, met keten(zorg)partners en natuurlijk met de cliënt. Met elkaar kunnen we een vangrails vormen voor wanhopige mensen’, besluit Judith de Heus.

Onderzoek

Uit uniek onderzoek van Gilissen en collega’s (2013) * in samenwerking met het Centraal Bureau voor de Statistiek blijkt dat suïcide veel meer voorkomt bij mensen met een arbeids- ongeschiktheids-, werkloosheids- of bijstandsuitkering. Naast geslacht en woongemeente, verschilt het vóórkomen van suïcide naar land van herkomst, burgerlijke staat, samenlevingsvorm en huishoudinkomen.

Bij mensen die alleenstaand zijn komt bijvoorbeeld suïcide veel vaker voor dan bij mensen die gehuwd zijn of samenwonen met een partner en/of kinderen (4 keer zo vaak bij mannen, ruim 3,5 keer zo vaak bij vrouwen).

Mensen met financiële problemen plegen vaker zelfmoord. Geldzorgen en oplopende rekeningen kunnen permanente stress veroorzaken. Onderzoek heeft aangetoond dat mensen met geldproblemen slechter kunnen nadenken en impulsiever worden. Armoede verkleint de mentale bandbreedte en leidt tot een tunnelvisie (Sendhil & Mullainathan, 2013). En tunnelvisie is een risicofactor voor zelfmoord **. Vele (inter)nationale studies laten zien dat de kans op suïcide toeneemt naarmate het opleidingsniveau, de beroepsklasse of het inkomen lager is. Professionals uit beroepsgroepen die dagelijks in contact komen met mensen met schulden, kunnen hier een verschil van leven en dood maken. Door signalen van suïcidaliteit op te vangen en hier zelf het gesprek over aan te gaan.

 

* Gilissen e.a. Kenmerken van personen overleden door zelfdoding. Epidemiologisch Bulletin, 2013, jaargang 48, nummer 4.

** De registratie van schulden in de statistieken is onvolledig. Dit maakt dat de cijfers, voor zover die nu uit de statistieken kunnen worden gehaald niet 1 op 1 aan suïcide cijfers kunnen worden gekoppeld.