Marijke nam toen meer de moederrol in. Het huwelijk van haar ouders was niet goed. Ze moest hierdoor vaak bemiddelen bij meningsverschillen. Toen Marijke 31 jaar oud was, overleed haar moeder door zelfdoding.
Het overlijden van mijn moeder kwam zeer onverwacht. Ik was 31. Zij was 62. Ik was net verhuisd naar Leiden, waar mijn toenmalige partner woonde. De week voordat ik zou verhuizen heeft mijn moeder zelfmoord gepleegd. Na een dag dozen inpakken voor de verhuizing kreeg ik na middernacht een telefoontje van mijn vader dat er twee agenten in mijn ouderlijk huis het verschrikkelijke nieuws gebracht hadden. Ik reed uiteraard direct naar mijn vader en vond daar haar afscheidsbrief.
Ik wist wel dat ze al een tijd niet lekker in haar vel zat, antidepressiva slikte en in behandeling van een psycholoog was, maar ik was mijn eigen leven eindelijk aan het opbouwen én ik was verliefd, dus ik was in de veronderstelling dat mijn ouders dit samen zouden redden.
Sporadisch heeft mijn moeder er weleens iets over gezegd. Ze noemde het zelf af en toe als ‘er zijn mensen die aan zelfmoord denken als ze depressief zijn. Die zijn gek!’ Waarschijnlijk zei ze dit nog op de momenten dat ze zichzelf een soort moed in sprak. Haar zelfdoding heeft een enorme impact op mijn gehad. Ik ben sindsdien een ander mens.
Ik ben alsnog naar Leiden verhuisd. Het fijne was dat ik in een nieuwe omgeving niet te veel herinneringen had. Ik heb een tijd als een zombie dit verschrikkelijke nieuws een plek proberen te geven. Ik kon niet werken, ik leek verdoofd. Mijn partner is er al die tijd voor mij geweest. Mijn vader heb ik in dat eerste jaar na haar dood niet kunnen steunen, het was zo onwerkelijk.
Mijn moeder was een angstige vrouw. De rouw heeft veel fasen gekend en soms nog. Het begon met de realisatie dat het echt waar was, vervolgens het schuldgevoel (had ik het niet kunnen voorkomen?!). In Leiden ben ik even kort in therapie geweest. Enkele weken misschien. Na schuld kwamen acceptatie en een enorm gemis. Tenslotte woede.
Nu, zoveel jaar later, is het gevoel zacht, maar al deze emoties dienen zich af en toe nog aan, behalve schuld. Later heb ik nog vier jaar psychotherapie gehad. Ik kwam er toen achter dat zij met een geheim de dood ingegaan was, namelijk dat mijn vader niet mijn biologische vader is. Ik heb nog met wat aanwijzingen uit haar verleden een zoektocht ingezet om hem te vinden, maar tevergeefs.
Therapie heeft me geholpen. Vooral de psychotherapie was zeer zinvol. Ik had een goede connectie met mijn therapeut en de dubbele lagen van mijn rouw heb ik een plek kunnen geven. De rouw om het verlies van mijn moeder. De rouw om het verlies van mijn echte vader. Daarnaast heb ik er altijd vrij open over gepraat met vrienden en familie. Zelfmoord werd hierdoor geen taboe. De openheid en de steun van mijn omgeving zijn heel belangrijk voor me geweest en is dat nog steeds. De band met mijn opvoedvader is zeer versterkt na de dood van mijn moeder. Zelf ben ik ook een evenwichtiger en sterker mens geworden door deze ervaring.
Eigenlijk heb ik me nooit hoeven afvragen hoe ik moed heb kunnen houden. Ik deed dat gewoon. Ik denk dat het een oer overlevingsdrift is. Het leven willen ervaren in al zijn mooie en al zijn zwarte kanten.
Het gaat goed met me. Ik heb een fijn leven, ik dop mijn eigen boontjes, ik ben gezond en ik heb een fantastisch kind met wie het goed gaat. Ik ben dan wel niet meer samen met mijn toenmalige partner, maar we hebben een goede band. Ik ben actief, ik sport, heb een leuke baan en hoop een leuke partner te vinden. Ik heb fijne vrienden en vriendinnen bij wie ik altijd terecht kan.
Tegen andere nabestaanden zou ik in de eerste plaats willen zeggen dat het NOOIT jouw schuld is als iemand deze keuze maakt. Ik ken de achtergrond van mijn moeder. Ik weet waarom zij zich zo slecht voelde. Ik begrijp haar keuze inmiddels. En hoe raar het ook klinkt en hoe vreselijk pijnlijk deze ervaring was, ik had het als mens niet willen missen. Want ik voel me nu trots op wie ik ben en hoe ik in het leven sta.