Denk je aan zelfdoding?

We zijn er voor je.
Je kunt met ons geheel anoniem bellen of chatten.

Bel gratis 113 Chat met ons Teletolk
Bel of chat met ons

Verhalen van hoop en herkenning, voor iedereen die te maken heeft (gehad) met zelfdoding.

Hoop
27-01-2025

Daan Rijkers: “Praten is niet alleen goed, het is noodzaak”

Daan Rijkers (34) werkt als ervaringsdeskundige en counselor in een jeugdkliniek. Inmiddels kan hij zeggen dat hij blij is met hoe zijn leven eruitziet en dat hij trots kan zijn op wat hij doet. Dat is niet altijd zo geweest. “Praten is niet alleen goed, het is noodzaak." Hij deelt zijn klim omhoog met Houd Moed.

Hoe het nu gaat

Ik ben snel geneigd om te zeggen dat het goed met me gaat. Maar het is eerlijker om te zeggen dat het oké gaat met mij. December vind ik een moeilijke maand, maar januari is voor mij eenzamer. Dat komt omdat januari een bepaalde melancholiek oproept. Deze maand doet me denken aan het verleden, de donkere dagen lijken eindeloos, ik heb wat minder energie. De nasleep van de feestdagenperiode vind ik vervelender dan de feestdagen zelf. Maar los daarvan gaat het over het algemeen oké met mij.

Mijn onveilige jeugd vormde mijn problemen

De eerste keer dat ik mij bewust besefte dat het niet goed met mij ging, was toen ik rond mijn zestiende naar de jeugdpsychiater ging en een antidepressivum voorgeschreven kreeg. Maar als ik terugkijk, dan zie ik dat de problemen er al veel eerder waren. Zo lang als ik mij kan herinneren heb ik mij anders gevoeld dan anderen. Op de basisschool moest ik bijvoorbeeld vaak op de gang staan omdat ik erg druk was en snel boos werd. Met de kennis die ik nu heb, kan ik twee gebeurtenissen in mijn leven aanwijzen die waarschijnlijk de oorzaak geweest zijn van dit gedrag.

Ten eerste kom ik uit een gezin waar hard werken en studeren voorop stond. Bij mij thuis was het erg prestatiegericht en daardoor had ik vrij emotioneel niet beschikbare ouders. Ten tweede heb ik rond mijn tiende misbruik meegemaakt. Dat, in combinatie met thuis niet de veiligheid voelen om erover te praten of er bij iemand terecht mee te kunnen, is heel ingrijpend geweest. Die onveiligheid heeft mij op jonge leeftijd heel bang gemaakt.

De spiraal omlaag

Toen ik ouder werd ben ik manieren gaan zoeken om die angst niet te voelen. Ik ben de angst gaan overschreeuwen, middelen gaan gebruiken en de criminaliteit ingegaan. Alles om maar niet bij mijn gevoel te hoeven komen. De donkere gedachten bleven echter bestaan. Ik vond het heel moeilijk om als man misbruik te hebben meegemaakt. Over vrouwen die misbruik meemaken hoorde ik wel verhalen, maar over mannen eigenlijk nooit. Ik voelde me daardoor achtergesteld en ik was vooral heel boos op de wereld.

Mijn eerste ervaringen met de hulpverlening waren niet altijd even positief. Door al mijn woede heb ik te maken gehad met jeugdreclassering en justitiële trajecten. Ondertussen deed ik alsof ik absoluut niet bang was. Maar als je als puber te maken krijgt met therapieën en je ziet dat het leven van leeftijdsgenoten anders verloopt, ga je wel inzien dat er iets niet loopt zoals het zou moeten gaan.

Ik wilde niet dood, maar zo wilde ik ook niet leven

Op papier zou ik zeggen dat het moment waarop ik in de gevangenis kwam te zitten mijn dieptepunt is geweest. Dat is ook hoe ik het in de jeugdkliniek vertel, omdat het een tastbaar bewijs is dat je op die manier niet wil eindigen. Maar voor mij voelden de jaren daarna eerlijk gezegd meer als mijn dieptepunt. In de jaren na de gevangenis ben ik gestopt met criminaliteit en naar de Herman Brood Academie gegaan. Maatschappelijk gezien en naar mijn ouders toe had ik het op de rit. Maar ik voelde mij zo onbegrepen, zo eenzaam.

Voor de buitenwereld leek het alsof het een stuk beter ging, maar de donkere gedachten waren nooit weggeweest. In die periode heb ik ook veel suïcidale gedachten gekregen. Ik was zo op zoek naar een uitweg van mijn gedachten, dat de gedachte aan zelfdoding me rust bracht. In feite wilde ik niet dood, maar ik wilde ook niet op deze manier leven. Ik denk dat dat voor veel mensen geldt die rondlopen met suïcidale gedachten. Daarom is praten ook zo belangrijk. Zelf bleef ik alleen met die gedachten rondlopen, en er zijn twee momenten geweest waarop ik echt op het punt heb gestaan om mijn leven te beëindigen. Ik gebruikte toen nog middelen en als ik nuchter was kreeg ik zoveel paniekaanvallen, dat ik niet wist hoe ik het nog vol moest houden.

De weg omhoog

Uiteindelijk had ik dusdanig veel last van paniekaanvallen dat ik verslavingshulp ben gaan zoeken. Door te gaan kijken naar wat ik deed om de negatieve spiraal in stand te houden, is het mij gelukt om clean te worden. Een patroon waar ik in mijn herstel echt naar heb moeten kijken, is de verbindingen die ik aanging met mensen die niet goed voor mij waren. Dit waren mensen die emotioneel niet beschikbaar waren en bij wie ik me erg gespannen voelde. Misschien klinkt het cliché, maar me omringen met mensen die veilig aanvoelen en me echt het gevoel geven dat ik het waard ben, heeft mij ontzettend geholpen. Ik kan zeggen dat het mij met hulp van schematherapie en het Twaalfstappenprogramma is gelukt om dit patroon te doorbreken. Daar vind ik veel rust in.

De kunst zit in het omarmen van mijn valkuilen

Als ik een rode draad in mijn leven zou moeten aanwijzen, denk ik dat zelfafwijzing de grootste belemmering is geweest om het leven te kunnen verlichten. Die innerlijke criticus vertelt me dat het altijd beter moet. Ik doorzie dat dit eigenlijk de stem van mijn vader is die ik in mijn hoofd heb opgeslagen. Terwijl mijn vader zelf op latere leeftijd een stuk zachter is geworden. De innerlijke criticus blijft voor mij een aandachtspunt, zeker op dagen dat ik erg moe en gestrest ben.

Wat mij helpt om met die stem om te gaan is het aanbrengen van structuur in mij leven. Mediteren, voldoende bewegen, de dag van me afschrijven. Dit doe ik iedere dag, ook op de dagen dat het wel goed gaat. Die zelfzorg heb ik echt nodig om in het nu te blijven. Wat mij ook helpt om met die stem om te gaan, is accepteren dat het mijn valkuil is en mezelf niet afwijzen voor het feit dat ik daar gevoelig voor ben. Ik kan wel proberen te streven naar het overwinnen van die stem, maar de kunst zit voor mij veel meer in het omarmen van het feit dat ik bepaalde valkuilen heb en dat meer te normaliseren.

Ervaringsdeskundigheid laat zien dat er hulp is die werkt

Ik kom oorspronkelijk uit de muziekwereld en kwam per toeval bij een baan in de jeugdkliniek terecht. In eerste instantie dacht ik dat ik daar voor een half jaar zou gaan werken en dan weer terug naar de muziek zou gaan. Maar door mijn contact met de jeugdkliniek ben ik in een stroomversnelling terechtgekomen en veel meer gaan reflecteren op mezelf. Zo kwam ik erachter dat de muziekwereld gepaard gaat met veel excuses en gebruik, en daar wilde ik geen deel meer van uitmaken. Wel wilde ik deel uitmaken van een duurzame plek als de jeugdkliniek.

Naar mijn idee is ervaringsdeskundigheid een enorme aanwinst, vooral binnen de jeugdzorg. Voor een jongere met wie het niet goed gaat kan het veel betekenen om iemand voor zich te hebben die vijftien jaar verder is en zijn leven op orde heeft. Dat maakt het aannemelijk dat er hulp beschikbaar is die ook echt werkt. Wat mij altijd zal bijblijven, is dat een jongere aan het eind van zijn traject tegen me zei: “Jij hebt in mijn derde week hier tegen mij gezegd dat je trots op me was en dat heeft nog nooit eerder iemand tegen mij gezegd.” Dat heeft mij doen beseffen dat ik echt iets wil betekenen binnen de jeugdzorg, waar nog veel winst te behalen valt.

Wel denk ik dat het heel belangrijk is om je altijd bewust te blijven van het feit dat je werkt met een zeer kwetsbare doelgroep die veel heeft meegemaakt. Om als ervaringsdeskundige te kunnen werken is het dus belangrijk om goed na te denken en je bewust te zijn van de verantwoordelijkheid die je hebt. Want hoe goed je intentie ook is, je moet je altijd bewust zijn van de impact die je kunt hebben op kinderen.

Mannen moeten ook praten

Zelf ben ik opgegroeid met het idee dat mannen niet praten over hun gevoelens. Dat begon al bij mijn vader. Maar als ik kijk naar de jongeren in de jeugdkliniek waar ik werk, dan zijn zowel jongens als meiden heel bereid tot kwetsbaarheid. Ik denk dat er in de nieuwe generatie al een stuk meer ruimte is voor gevoelens, terwijl de generatie voor mij nog veel te weinig praat. Uiteindelijk neem ik niemand iets kwalijk, maar het had zoveel gescheeld als ik al veel eerder bij iemand terecht had gekund.

Zelf ben ik me dan ook bewust van mijn man-zijn in de jeugdkliniek waar ik werk. Ik wil de jongere generatie uitnodigen om de verbinding aan te gaan en zich kwetsbaar op te stellen. Juist als man wil ik laten zien dat dit niet alleen goed is, maar ook noodzakelijk om te doen.

Durf het risico te nemen als het niet goed met je gaat

Als ik terugdenk aan waar ik behoefte aan had toen het niet goed met mij ging, dan denk ik dat het voor mij vooral belangrijk was om te weten dat ik het waard was om gehoord te worden. Dat er mensen in je omgeving zijn die dat niet alleen zeggen, maar bij wie je dat ook echt voelt. Die mensen heeft iedereen in zijn omgeving. Durf het risico te nemen om uit te spreken dat het niet meer gaat. Je zult merken dat, wanneer je dit doet bij mensen bij wie je veiligheid ervaart, het je heel veel zal opleveren. Er is nu eenmaal veel moeilijks in het leven, dat mag worden genormaliseerd. Oprecht kunnen voelen dat je problemen er mogen zijn, dat is alles waard.