Denk je aan zelfdoding?

We zijn er voor je.
Je kunt met ons geheel anoniem bellen of chatten.

Bel gratis 113 Chat met ons Teletolk
Bel of chat met ons

Verhalen van hoop en herkenning, voor iedereen die te maken heeft (gehad) met zelfdoding.

Hoop
21-04-2022

Elke dag was een strijd

Larissa woont samen met haar vriend en kat in Haarlem. Ze zit in het laatste jaar van haar studie verpleegkunde en werkt als begeleider bij een grote GGZ instelling. Na haar opleiding hoopt ze hier als verpleegkundige aan de slag te kunnen. 

Buiten werk en school om is ze een bezig bijtje; ze is voorzitter van een studievereniging, heeft een internetplatform, doet aan stijldansen en probeert daarnaast nog naar de sportschool te gaan. Het leven van Larissa zag er niet altijd zo positief uit.

Mijn psychische problemen kwamen vroeg in mijn pubertijd naar voren. Op mijn vijftiende begon ik mij steeds minder lekker in mijn vel te voelen. Schoolresultaten kelderden naar beneden en ik kon niet meer genieten van mijn hobby klarinet spelen.

Schouders eronder en bikkelen

Mijn ouders hebben beiden vanuit huis uit meegekregen dat psychische problemen iets zijn waar je je simpelweg overheen moet zetten; schouders eronder en bikkelen, maar er vooral niet over praten. Ik durfde daarom ook niet tegen mijn ouders te zeggen dat ik mij steeds neerslachtiger voelde. Ik sloot mezelf af en dwaalde nog verder af, uiteindelijk besloot ik om, in het geheim, hulp te zoeken.

Ik belandde bij een jeugdpsychologe, waardoor het een tijd redelijk goed ging. Ik leerde mijn vriend kennen en behaalde mijn havo diploma. Helaas was deze periode van stabiliteit van korte duur. Ik botste steeds meer met mijn ouders. Om die reden besloten mijn psycholoog en ik dat het beter was om uit huis te gaan. Ik kwam terecht bij een begeleid wonen project van jeugdzorg. Datzelfde jaar startte ik de opleiding verpleegkunde. Ik kon mezelf verliezen in de opleiding en vond rust in het alleen zijn.

Elke dag was een strijd

Alleen zijn sloeg steeds vaker om in eenzaam zijn. Ik was steeds vaker alleen met mijn donkere gedachten en werd alsmaar neerslachtiger. Ik stopte met mijn hobby’s, sloot mijzelf af van de buitenwereld en mijn vriend. Ik stopte op gegeven moment zelfs met school.

Elke dag was een strijd welke bij het opstaan al begon; weer een nieuwe dag die ik uit moest zitten. Ik vond mijzelf niet meer van toegevoegde waarde, sterker nog, ik was een last voor mijn naasten. Al langere tijd liep ik rond met suïcidegedachten, eerder schrok ik altijd van deze gedachten, maar in die tijd vond ik rust in het voorbereiden en nadenken over mijn dood en het plannen van mijn begrafenis. Op een avond besloot ik dat ik genoeg pijn had geleden. Na vijf jaar lang vechten met mezelf accepteerde ik mijn keuze dat het leven niet voor mij was weggelegd en ondernam ik een suïcidepoging.

Zelfs uit het leven stappen kon ik niet

Ik ben lang boos op mezelf geweest; zelfs uit het leven stappen kon ik niet. Toch ondernam ik niet nog een poging. Ik was bang om mijzelf blijvende schade aan te richten waar ik mee moest leven. Daarnaast kon ik mijn vriend niet nóg een keer zo verdrietig zien. Langzaam aan accepteerde ik dat ik wel door moest vechten, opgeven was schijnbaar geen optie meer voor mij. Door mij te richten op kleine successen kon ik steeds een beetje meer genieten van het leven. Met de juiste therapie en medicatie durf ik te zeggen dat het nu goed met mij gaat!

Steun en onmacht

Voor mij is mijn vriend de grootste steunfactor, zeker nu wij samenwonen. Hij was er wanneer ik hem nodig had. Toen wij nog niet samen woonden, gaf hij mij de sleutel van zijn ouderlijk huis, zodat ik altijd een veilige plek kon zoeken. Het is een fijn gevoel om te weten dat hij ook niet zomaar weg zal gaan. Op goede momenten ben ik zelf ook steunend geweest voor mijzelf. Wanneer het redelijk tot goed met mij ging, kon ik heel liefdevol zijn naar mijzelf. Hier had ik dan profijt van als het slechter ging.

Mijn ouders zijn, in het begin van mijn ziek zijn, niet steunend geweest. Ik had veel geheimen voor hen, ik vertelde zelfs niet dat ik opgenomen was. Wanneer ik dit wel zou vertellen kon ik terug verwachten dat zij boos zouden worden op mij. Nu weet ik wel beter; de onmacht die zij ervoeren maakten dat zij boos werden, niet op mij, maar op mijn ziekte. Mijn ouders zijn nu een steunende factor voor mij.

Alleen als ik alles had geprobeerd

Ik wilde er, toen ik ziek was, alles aan gedaan hebben om beter te worden. Alleen als ik alles had geprobeerd, mocht ik uit het leven stappen. Altijd bleef er een vuurtje in mij branden; vaak werd het vlammetje klein en smeulde het meer, heel soms was het een krachtig vuurtje. Daarnaast heb ik nooit kunnen accepteren dat ik ziek was, ik wilde mezelf niet als “psychiatrisch patiënt” zien. Je kunt dit ontkenning noemen, maar het heeft mij wel geholpen en doorzettingsvermogen gegeven.

Weer tussen de normale mensen

Vooral na het doormaken van de diepe dalen, was het lastig om mij weer tussen de “normale” mensen te voegen. Soms leek het zo te zijn dat er op mijn voorhoofd stond geschreven dat ik depressief was. Ik vond het dan ook eng om mij weer te begeven tussen de mensen. Corona was voor mij een geluk bij een ongeluk; door veel online te doen kon ik alles rustig opbouwen en integreren.

‘Alles komt goed’ dekt niet de lading

Wanneer mensen mij vertelden dat het goed kwam, raakte ik vaak geïrriteerd. Misschien kwam het inderdaad wel goed, maar op dat moment dekte dat niet de lading van de zwaarte die ik voelde. Ik voelde mij niet gehoord. Daarom zou ik tegen mensen die nu suïcidaal zijn willen zeggen dat het nu inderdaad heel zwaar is en dat het lijkt alsof het licht aan het einde van de tunnel er niet is, maar een tunnel heeft altijd twee uiteinden.

Spierballen voor later

“In het ergste geval komt alles goed” (Jesse Laport), is een motto dat ik vaak gebruik. Soms grap ik ermee, soms gebruik ik het om gesprekken luchtig te houden. Het motto vind ik dan ook erg goed bij mij passen; ik kan soms flink pessimistisch zijn en het leven is zwaar, maar alles wat zwaar is om te dragen, geeft spierballen voor later.