Ik zou mezelf omschrijven als iemand met verschillende identiteiten, afhankelijk van de situatie (opleiding, stage, privé, vrienden, etc.). De vraag wie ik écht ben, roept een stilte op. Ik ben iemand met een groot empathisch vermogen. Dit in combinatie met grote nieuwsgierigheid, maakt dat ik graag alles wil begrijpen. Al weet ik ook dat dat onmogelijk is. Ik heb veel geduld. Dit is soms fijn, maar het is ook een valkuil: ik verdwijn snel naar de achtergrond. Mijn ervaring rond zelfdoding? Ik heb veel gevoeld, ik ben gevallen én ik ben weer opgestaan.
Ik was als kind altijd wel hooggevoelig. Ik heb voelsprietjes. Soms komen ze van pas, maar soms ook niet. Daarin moet je een balans vinden en dat zal een blijvend groeiproces zijn. Ik kan mij eigenlijk niets meer herinneringen van hoe het ervoor was. Is het raar om te zeggen dat ik mij als schoolkind al niet goed in m’n vel voelde? En dan bedoel ik niet alleen mentaal, maar ook fysiek. Dat kwam vooral door mijn neurofibromatose type 1. Een kwetsbaar gedeelte dat zichtbaar zal blijven. Ik voelde als kind veel verantwoordelijkheid. Als kind hield ik mij sterk.
Ik heb een herinnering van toen ik 12 jaar was, waarbij iemand in de klas ineens aan mij vroeg: ‘Bettina, heb jij zelfmoordgedachtes?’. Ik heb toen geen antwoord gegeven. Het ging inderdaad niet goed met mij en ik kreeg steeds meer last van eetproblemen. Ik begon moeilijkheden te krijgen met eten, gewicht en de gedachtes rond dat thema. Hier bovenop kwam ook nog dat ze me niet meer konden opereren voor mijn fysieke klachten. Ik voelde mij toen als een stuk nuchterder dan mijn leeftijdsgenoten. Dit zorgde voor eenzaamheid, maar ik probeerde mij sterk te houden.
Deze periode zag er heel donker uit. Alsof je in een kamer zit zonder licht, maar je probeert toch de lichtschakelaar te zoeken. Door de maanden heen heb ik anorexia nervosa, een dwangstoornis en toch wel een hardnekkige depressie ontwikkeld, met name door het binnen houden van alles wat ik voelde en meemaakte, en uiteindelijk te blijven zitten in een boekje in de donkere kamer.
Het is een behoorlijke zoektocht geweest om mijn eigen identiteit los te gaan zien van mijn diagnoses. Voor mij is dit gelukt door het ‘gewoon’ uit te gaan proberen (ja echt, hoe ongeloofwaardig dit ook klinkt). Als ik er nu op terugkijk, dan is dat wat voor mij het leven is: dingen uitproberen en ontdekken. Letterlijk dingen doen. Ik zeg nu niet dat ik hieperdepiep ben en sta te huppelen in de straten van Gent. In het begin is het onwennig gevoel omdat je ‘rust, blijheid & trotsheid’ al zo lang hebt verdrongen. Ik heb er heel lang over gedaan om de positieve gevoelens te laten bestaan en ik vind dit nu nog steeds ingewikkeld, maar het is aangenamer omdat het niet meer zo heavy is.
De eerste stapjes lijken gewoon echt simpel, maar voor mij was het echt een big deal. Zoals meegaan naar een feestje, in de trein zitten en de zon in mijn ogen zien schijnen. Inmiddels ben ik zelf degene die staat de springen op een feestje. Je leert pas jezelf kennen als je alleen ben. Uiteindelijk moet je het toch met jezelf gaan doen.
Ik heb veel hulpverlening zien passeren. Soms goed en soms niet goed. That’s life. Ik ben 3 keer in opname geweest. In mijn 3de opnametraject, toen was ik 15 jaar, ben ik zowel fysiek en psychisch door een hel gegaan. Ik liep er tegen aan dat ze bleven zeggen: ‘zoek maar afleiding’. Je ervaart wanhoop en somberheid op zo’n moment en dat gevoel is zo puur. Dan mag er toch naar geluisterd worden? Mijn omgeving zag mij rap achterruit gaan. Ik kan mij nog een moment tijdens zwemles herinneren, dat er een meisje van een andere klas naar mij toe kwam en vroeg ‘is alles wel oké? Je bent zo vermagerd’. Zij was de eerste die er mij over aansprak. Ze wist niet hoe ze mij kon helpen. Er zat ook niet veel leven in mij, maar ik voelde mij gesteund. Het voelt minder alleen als mensen af en toe vragen hoe het gaat.
In mijn 3de opnametraject heb ik mijn individuele begeleider leren kennen. Ik heb nog nooit zo iemand gekend die mij zó goed begreep. Alsof ze letterlijk door mij heen kon kijken. Door al mijn kwaadheid, verdriet, onzekerheden. Tijdens mijn tweede dag in deze opname, liepen we langs elkaar. Ik kan mij herinneren dat ze glimlachte en dit voelde oprecht. Gewoon een oprechte glimlach had ik in geen jaren gezien. We konden soms in de leefruimte zitten en er was stilte aanwezig, maar aanvaardbaar voor ons alle twee. Ze heeft altijd mijn SOS gehoord en probeerde te helpen waar ze kon. Nu hebben we geen contact meer, wat het voor mij moeilijk maakt. We hadden samen een quote van Winnie the Pooh:
If ever there is a tomorrow,
when we’re not together…
There is something,
You must always remember.
You are braver than you believe,
stronger than you seem,
and smarter than you think.
But the most important thing is,
even if we’re apart..
I’ll always be with you.
Ondanks dat ik haar niet meer spreek, weet ik zeker dat ze andere jongeren zal proberen te helpen waar ze kan. Ergens moet er afstand zijn. Ik merk dat nu ook. Ik sta nu zelf in een leefgroep als stagiaire om volwassen te begeleiden. Afstand en nabijheid moeten in balans zijn. Ik hoop als ze dit leest, dat ze dan nog even terugdenkt aan de quote.
Maar hoe is het mij dan gelukt om toch weer kracht in het leven te vinden? Ik heb veel geduld moeten hebben. Ook heb ik geleerd dat ik in contact moet blijven met mijn therapeut, hoe moeilijk dit soms ook is. Langzaamaan krijg ik meer vreugdemomenten. En ook met mijn levenservaringen ben ik meer gaan loslaten en relativeren. Ik denk dat iedereen periodes meemaakt waarin ze meer overleven dan leven, maar de vreugdemomenten zullen we onthouden en in ons hart bewaren. Dat geeft ons hoop en kracht om toch verder te gaan.
Je mag jezelf rust gunnen. Je mag stilstaan. Stilstaan is niet achteruitgaan, maar eens voelen hoe jij je nu voelt. Dans op je favoriet nummer. Laat de gevoelens toe. Praat met iemand. Beweeg je lichaam en je mag er gerust bij wenen. Je mag boos zijn omdat je onmacht voelt. Jouw gevoel is jouw gevoel, jij ervaart dat zo, jij moet dat meemaken en dat vraagt veel energie. Neem een ‘break’ van alles. Neem dat weekend voor jezelf. Alles mag ook op het gemak zijn.