Doortje was onze eerste dochter en zeer gewenst. Toen Doortje vier was kreeg ze een zusje: Marlies. Ze konden samen goed opschieten en hadden veel gedeelde interesses. Als jong meisje werd ze Ranger bij het Wereldnatuurfonds en wilde ze geen vlees meer eten. Later werd ze ook overtuigd veganist. Op de vele foto’s van Doortje met dieren zie je de ontspanning en blijdschap in haar gezicht. ‘Een dier oordeelt immers niet’. Op haar achttiende kreeg ze haar hond Blondie, waar ze lange tijd veel steun aan had. Toen ze alleen ging wonen, werd haar kat Arya haar maatje.
Op de basisschool ontwikkelde ze zich lange tijd goed, al was ze soms erg angstig. Vanaf groep 7 begon ze zich steeds meer terug te trekken en daalden haar prestaties op school. Het begin van de middelbare school ging goed, maar in de tweede klas ging het mis. Ze is als tiener met grote regelmaat opgenomen geweest in de Jeugd GGZ. Op haar 18e is ze op een zorgboerderij gaan wonen.
Na een moeizaam begin heeft ze daar de knop omgezet en is ze weer onderwijs gaan volgen. Uiteindelijk behaalde ze haar diploma en ging ze Algemene Sociale Wetenschappen studeren. Ze heeft veel gehad aan haar studievereniging SGS. Daar vond ze wat ze in haar pubertijd had gemist: lol maken met gelijkgestemde leeftijdgenoten. Ze vond nieuwe vrienden die haar steunden als ze het moeilijk had. In deze tijd kreeg Doortje ook een relatie met Jelle. In hem vond ze een soulmate en veilige thuishaven. Ze begrepen elkaar en alles was bespreekbaar.
Er is nog zo veel meer over Doortje te vertellen: haar eigenzinnige manier van kleden, haar humor, haar liefde voor Harry Potter, haar impulsiviteit, haar belangstelling voor muziek en literatuur, haar principes en haar uitgesproken mening over politieke onderwerpen.

Steeds maar weer vallen, opstaan en doorgaan. Doortje voerde dagelijks een strijd tegen de negatieve gedachten in haar hoofd die zeiden dat ze niets waard was en dood moest. Ze heeft 20 jaar vreselijk psychisch geleden, met een ijzersterke wilskracht. Zij heeft veel automutilatie en suïcidepogingen gedaan. In sommige perioden hielp het haar als er iemand bij haar was die voor afleiding zorgde. Zij heeft ook veel gehad aan ons, haar ouders, en later aan haar partner en haar vrienden waar zij altijd een beroep op kon doen en die soms ook meegingen naar het ziekenhuis. Als ze dissocieerde, hielp het om haar rechtstreeks aan te spreken en te vragen wat ze zag om terug te keren in de realiteit. Een nat washandje in haar nek of massage van haar voeten brachten haar soms ook terug in het hier en nu. Als ze iedereen al had gebeld of niet weer haar familie en vrienden wilde belasten belde ze met 113.
Als ze tegen een crisis aan zat, nam ze noodmedicatie en belde dan met ons of haar vriend om de tijd te overbruggen totdat de medicatie zijn werk deed. Ook tijdens haar studie werd ze geregeld opgenomen. Soms belde ze vanuit haar bed op de IC: shit ‘ik heb zo werkgroep, ik moet hier weg’. Ze haalde haar bachelor, maar een master volgen was te stressvol. Zij heeft met hulp van een coach hard gewerkt om betaald werk krijgen in haar vakgebied. Vier dagen na haar overlijden zou ze beginnen bij de Vrije Universiteit Amsterdam. Zo jammer dat ze dat niet heeft gehaald. Nu Doortje er niet meer is, hebben we opeens maar één kind en mist Marlies haar zus. Het voelt als een amputatie. Gelukkig vinden we troost bij elkaar.
Het laatste half jaar voor haar dood ging het steeds slechter. Het overlijden van haar hond en de suïcide van een vriendin van haar grepen haar heel erg aan. Daarnaast het nachtenlang nauwelijks slapen, haar verslechterende fysieke conditie, het gevoel niet begrepen te worden en niet de medicatie te krijgen waar ze om vroeg. In haar afscheidsbrief aan ons schreef ze: “Het spijt me, maar ik ben op. Het is te veel geweest. En het heeft te lang geduurd”. Doortje heeft zelf een einde aan haar leven gemaakt en is alleen, in alle eenzaamheid overleden.
Zij had alles goed voorbereid: een afscheidsbrief voor ons en haar vriend, genoeg eten voor de kat voor een paar dagen, de jurk die ze aan wilde in de kist aan de kapstok en alle codes van haar laptop en telefoon op tafel. Ze heeft gezorgd dat ze alleen was door haar vriend naar huis te sturen omdat ze erg moe was na een week opname. Dat ze dit laatste stuk helemaal alleen heeft moeten doormaken doet ons de meeste pijn. We hadden haar zo graag een meer humane dood gegund.
Al veel jaren hadden we te maken met levend verlies. Rouw omdat Doortje niet kon zijn wie ze wou zijn, en omdat ons leven en dat van haar zusje daardoor werd geraakt. Er was ook verdriet dat we haar niet konden helpen. Het voelde alsof er altijd een sluier over ons leven lag en er geen plaats was voor echte vreugde en genieten van het leven, want elk moment kon er weer iets met Doortje fout gaan.
Nu zij dood is, is er het onvoorstelbare besef dat ze echt weg is en echt niet meer terugkomt. Maar ook de rust dat zij niet meer hoeft te lijden. Rouw kent vele kanten: mijn haren uit mijn hoofd willen trekken, een gevoel van gefaald hebben en machteloos zijn, het verdriet en gemis om haar persoonlijkheid, niet haar ziekte. Zij is er elke dag en leeft mee in mijn gedachten en ervaringen. Ik kijk en ervaar de wereld nu ook door haar ogen.

Het is anderhalf jaar geleden dat Doortje is overleden en sinds een half jaar ervaar ik pas meer rust in mijn lichaam. Het gaat naar omstandigheden goed, maar soms komt het verdriet en gemis heel heftig binnen. We willen Doortje graag herinneren als een lieve, mooie en talentvolle jonge vrouw met een groot hart voor onrecht. Ze vocht om in leven te blijven. Het helpt mij om veel over haar te praten met mijn man, dochter, Doortjes vriend en vrienden.
Haar foto staat bij ons op de eettafel, dus ze is er altijd bij. We gaan naar plekken waar ze graag kwam of doen dingen die zij ook leuk vond. In al die moeilijke jaren hielp het mij om creatieve dingen te doen, alleen en met vriendinnen, en dat helpt mij ook nu. Net als in de natuur zijn, lezen over rouw en naar de dag voor nabestaanden van suïcide gaan.
Doortje had een goed gevoel voor taal. Ze schreef al van jongs af aan verhalen en gedichten. Op een gegeven moment heeft ze haar gedichten naar een uitgeverij gestuurd en die vond haar gedichten de moeite waard. Ze was apentrots en publiceerde haar dichtbundel ”Alle grenzen open. Gedichten over leven met PTSS en borderline”. Zo streed ze voor erkenning en openheid over psychische ziekten en begrip voor automutilatie.
Zij kreeg hier veel fijne reacties op van lotgenoten die herkenning in haar gedichten vonden en van hulpverleners die inzage kregen in de pijn die zij moest doorstaan. Ik wil haar strijd voor bekendheid over psychische ziekten voortzetten en draagvlak zoeken voor euthanasie voor mensen die ondraaglijk en uitzichtloos psychisch lijden.
Je kunt Doortjes dichtbundel 'Alle grenzen open' kopen via Boekscout.