In mijn eerdere blogs vertelde ik, Kristel (28) als deels hoe ik omging met mijn poging. Praten, sociaal contact opzoeken en de draad van het leven weer oppakken waren dingen die mij hielpen. Er is echter meer voor nodig om je poging een plekje te geven. Daarover vertel ik meer in deze blog.
Voor mij was mijn poging behoorlijk traumatisch. Dat ik zo ver kon gaan, had ik nooit van mezelf verwacht. Vooral in het eerste jaar na mijn poging had ik regelmatig herbelevingen. Dan zag ik weer vage fragmenten van toen ik in het ziekenhuis lag. Zoals mijn broertje, die er als eerste van het gezin was, huilend aan het bed, of de psycholoog die komt vertellen dat mijn ouders en ik morgen langs kunnen komen. Ik knik maar wat ja en glimlach, nog flink versuft van wat allemaal gebeurd was.
Maar die herbelevingen zijn meer dan dat. Terwijl al die vage beelden dan voorbijkomen in mijn hoofd, voel ik weer de zwaarte en de eenzaamheid die ik voelde vóór ik in het ziekenhuis belandde. De uren voor mijn poging. Dan herinner ik me wat ik toen dacht en schrik ik van mezelf.
En die herbelevingen kunnen door van alles getriggerd worden. De eerste keer dat ik zo’n herbeleving had, had mijn trein een aanrijding. Ik raakte in paniek, maar kon nergens heen. Gelukkig nam mijn vader direct de telefoon op toen ik belde en wist die me weer rustig te krijgen.
Na mijn poging ging het in de meeste opzichten veel beter met me dan voor mijn poging. Deels door de therapie waar ik vrij snel na mijn poging mee startte, maar ook omdat mijn poging voor mij een soort ‘wake-up call’ was dat er iets moest veranderen. Ik ging direct over tot actie:
Allemaal dingen die voor mij echt wel hielpen, maar die niet voldoende waren. Door direct over te gaan op actie, vergat ik stil te staan bij wat er gebeurd was. Dat verklaart denk ik ook waarom die eerste herbeleving zo hard aan kwam, ik had de beelden, gedachten en gevoelens van die dag verdrongen en in één keer kwamen ze allemaal weer terug. De eerste herbeleving was echter nog niet voldoende voor me om dat in te zien. Ik besprak het wel in mijn therapie, maar we zijn daar nooit heel diep op in gegaan. Achteraf jammer denk ik, maar mezelf kennende zal ik het tegenover de psychotherapeut weer eens een allemaal ‘mooier’ hebben laten klinken dan het was.
Het was pas een paar maanden na de eerste herbeleving, nadat mijn therapie ook al afgesloten was, dat ik besefte dat ik moest reflecteren op wat er gebeurd was. Wel vond ik dat heel eng en wist ik niet hoe ik dit moest aanpakken. Ik meldde me daarom aan voor de online therapie van 113. Hier heb ik grote stappen gezet in het verwerken.
De therapeut hielp me bij het reflecteren. Ze vroeg me heel gedetailleerd de stappen naar mijn poging terug te halen, maar ook de stappen die ik direct na de poging zette om hulp te zoeken. Hierdoor besefte ik niet alleen hoe ik het zo ver had laten komen, maar óók hoe daarna ik zelf mijn leven gered heb. Na een aantal sessies waarin we dit bespraken, zag ik niet langer alleen de negatieve dingen van die dag, maar ook hoe goed ik gehandeld had toen ik besefte dat ik helemaal niet dood wilde. Een belangrijke stap richting het verwerken van mijn poging.
Dat vraag ik me regelmatig af. Twee jaar geleden dacht ik het wel verwerkt te hebben, dus solliciteerde ik voor een baan waar ik regelmatig in aanraking zou komen met het thema suïcide. In de eerste weken merkte ik echter al dat ik het toch wel erg confronterend vond. Het beïnvloedde mijn werk. Had ik het dan wel echt verwerkt? En nu, weer een jaar later, heb ik nu wel echt verwerkt? Ik kan nog steeds volschieten als het gaat over suïcide, terwijl ik er een andere keer moeiteloos over praat.
Het zal er denk ik aan liggen wat je verstaat onder ‘iets verwerken’. Ik vind het op dit moment helemaal niet erg als ik emotioneel word wanneer het over suïcide gaat. Ik ben eindelijk weer op een punt dat ik mezelf toesta om die emotie te voelen, in plaats van het telkens weg te drukken. Ik heb ook geen herbelevingen meer en heb vertrouwen in mezelf dat ik hulp zal zoeken als ik toch weer achteruitga. Dus ja, ik denk dat ik nu kan zeggen dat ik mijn poging verwerkt heb. En daar ben ik enorm trots op.