Denk je aan zelfdoding?

We zijn er voor je.
Je kunt met ons geheel anoniem bellen of chatten.

Bel gratis 113 Chat met ons Teletolk
Bel of chat met ons

Verhalen van hoop en herkenning, voor iedereen die te maken heeft (gehad) met zelfdoding.

Blog
29-04-2024

Zelfdoding is geen keuze

Wouter de Koning (47) woont in Rotterdam en werkt als redacteur bij de overheid. Hij is getrouwd, vader van een dochtertje van vier en liefhebber van literatuur, poëzie en muziek. Wouter schreef het boek Altijd 17 over de zelfdoding van een vriendin.

Ik heb haar niet tegengehouden

Een vriendin van mij maakte een einde aan haar leven op de middelbare school. Als pubers vonden wij allebei zelfdoding het meest logische antwoord op de wereld om ons heen. Toen ze de daad bij het woord voegde, ervaarde ik hoe hard de dood is.

Ik sta er nu anders tegenover, maar het wrange is dat ik haar destijds niet heb tegengehouden. Ik heb getwijfeld, maar gunde haar vooral een wereld zonder pijn en angst. Ik dacht niet dat je dat in dit leven kon vinden. Later ontdekte ik dat de wereld mooier was dan ik -dan wij- dachten. Liefdevoller. Maar dan moet je er wel voor open durven staan.

Altijd 17

Ik heb het boek Altijd 17 voor mezelf geschreven, om alles beter te begrijpen. Waarom deed ik wat ik deed? De vorm werd al snel een monoloog. Een uitleg aan Lisa. Ik vertel haar over alles wat er na haar dood gebeurde. Dat het zelfverzekerde jongetje dat ik haar destijds liet zien, eigenlijk heel bang was. Bang om weer gekwetst te worden. Het lukt me nu wel om meer van mezelf te laten zien.

Het boek is eigenlijk een kruising geworden tussen een requiem en een coming-of-age roman. Iemand schreef dat in een online review, en dat klopt wel.

Zelfdoding is geen keuze

Ik heb een opiniestuk geschreven in Trouw naar aanleiding van dit boek. Ik zie suïcide niet meer als een keuze. Het is geen keuze als je geen andere weg meer ziet.

In haar brief aan mij stond letterlijk dat ze het 'niet meer aankon'. Ik sprak heel lang liever niet over haar dood, omdat mensen dan aan mij gingen vragen of ik wist ‘waarom’ ze het had gedaan. Ik snauwde eerst terug: ‘Waarom niet?’, maar later zweeg ik gewoon.

Mensen die eruit stappen, zien geen andere weg. Ze kiezen niet voor de dood: ze kunnen hun leven niet meer aan. Dat is iets heel anders.

Kiezen voor het leven

Als pubers spraken wij veel over kiezen voor de dood. Wij verdedigden het recht op zelfdoding nogal fel. Je kiest er niet voor om geboren te worden, dus dan heb je het recht om eruit te stappen. Zo’n argument staat rationeel gezien als een huis, maar ik voel nu dat je niet alleen voor jezelf leeft. We hebben elkaar nodig. Kijk de film ‘Into the wild’ maar eens.

Kiezen voor het leven is dus ook kiezen voor kwetsbaarheid, open staan. Vroeger zag ik alleen het negatieve, maar het leven is een wonderlijke cocktail van verschrikkelijke dingen en prachtige dingen.

Zwijgen na zelfdoding

Het is ten eerste een lange weg omdat veel mensen zwijgen. Ze weten niet wat ze moeten zeggen, dus vermijden ze het. Kijk, in normale situaties kun je verzuchten dat het iemands tijd was, of een tragisch ongeval. Maar bij zelfdoding zit die sticker ‘keuze’ erop.

Vanuit de overtuiging dat suïcide slachtoffers ‘kiezen’ voor de dood, zeggen mensen echt de domste dingen. Dat je ‘respect’ moet hebben voor ‘hun keuze’, terwijl je op dat moment gewoon woedend bent. Je bent als nabestaande letterlijk verlaten. Het hielp mij enorm om in te zien dat Lisa gewoon gebroken was. Ze heeft het mentaal niet gered. Niet iedereen redt het. Hard, maar waar.

De rouw is verlammend hard

Verlammend hard. Er zit een scène in een film, The Grey, waarin de hoofdpersoon na dagen zwerven door een besneeuwd winterlandschap een hele grote, zwarte wolf tegenkomt: de wolvenleider. Hij zit midden in het terrein van een wolvenroedel en hij heeft geen keus. Hij moet vechten. Zo voelt het. Je moet er doorheen, maar het lijkt totaal onmogelijk. Je bent al bekaf. Toch kan het, maar je hebt veel tijd nodig. Het eerste jaar na haar dood was ik werkelijk gevoelloos. Niks kwam binnen. De rouw is eerst allesomvattend. Later krijgen ook andere dingen ruimte.

Ik praat meer

Ik heb geleerd om meer te delen. Niet dat ik er heel goed in ben geworden, maar ik praat meer. Na de dood van Lisa hadden we als vriendenclub een advertentie gezet in een tv-gids om in contact te komen met andere jongeren die leeftijdsgenoten hadden verloren aan zelfdoding. Die gesprekken waren voor mij goud waard. Ook in hun verhalen hoorde je over depressies, stuk zijn, angst. Het niet meer redden. Dat heeft mij enorm geholpen.

Letterlijk de vraag durven stellen

Ten eerste mag het taboe rond praten over suïcide er nog verder af. We zijn op de goede weg, een boek als het mijne was vroeger niet uitgebracht denk ik. Ik weet ook dat leraren, hulpverleners en anderen nu letterlijk de vraag durven te stellen: ‘Denk je aan zelfmoord?’ Dat is goed, want dan kunnen we echt praten. Dan weten mensen ook dat ze worden gezien en dat hun emoties worden gezien.

Luisteren is daarna het belangrijkste wat je kunt doen. Open vragen stellen en luisteren. Niemand verwacht dat jij het antwoord hebt op de vraag waarom de ander op aarde moet zijn. Die puzzel moet iedereen voor zichzelf leggen. Maar je kunt wel gewoon even naast elkaar zitten. Show you care.

De zuurstof die we nodig hebben

Praat. Ik snap dat het eng is. Echt. Ik was een hele goed gespreksvermijder, maar het bracht me niks. Wie niet gekwetst kan worden, kan ook geen liefde ontvangen. En dat is de zuurstof die we nodig hebben om het mentaal vol te houden. Zoek iemand die je durft te vertrouwen. Of kijk op 113, of op HoudMoed.nl. Je hoeft niet alleen te zijn.

Word alsjeblieft geen gat in iemands leven. Want dat gemis blijft.

Boek: Altijd 17

Doe niet alles alleen

Ook tegen nabestaanden zou ik willen zeggen: Praat. We zijn niet gemaakt om alleen te leven, of te lijden. Doe alles op je eigen tijd, maar doe niet alles alleen. Verder helpt het mij om soms lange stukken te wandelen. Mobieltje weg en alleen in een loopritme door de natuur of stad. Langzaam ordent je hoofd dan zichzelf.

foto: Sjaak Boot