Denk je aan zelfmoord?

We zijn er voor je.
Je kunt met ons geheel anoniem bellen of chatten. 

Bel gratis 0800-0113 Chat met ons
Bel of chat met ons
Zoeken

Robert Vermeiren over kwetsbaarheid, kracht en ervaringsdeskundigheid

Robert Vermeiren over kwetsbaarheid, kracht en ervaringsdeskundigheid

Robert Vermeiren is hoogleraar kinder- en jeugdpsychiatrie en sub-afdelingshoofd van LUMC Curium, academisch centrum voor kinderen met ernstige psychische problemen. Hij is het boegbeeld van de Nederlandse kinderpsychiatrie, mengt zich in vele debatten, durft zijn eigen kwetsbaarheid te tonen én zet zich met man en kracht in voor kwetsbare jongeren. Zondag 1 augustus is hij te gast bij het VPRO programma Zomergasten. Wij spraken Robert Vermeiren over kwetsbaarheid, ervaringsdeskundigheid, kracht en de toekomst van de GGZ. 

“Ik wil met mijn avond de kijkers laten nadenken over het complexe en boeiende thema van de opgroeiende jongere, aan de hand van fragmenten die zowel kwetsbaarheid als kracht tonen,” zegt Robert Vermeiren over zijn uitnodiging bij het programma Zomergasten.

Kwetsbaarheid van de psychiater

Het inzetten van mijn eigen ervaring is echt een evolutie geweest. Ik ben hier in 2015 mee gestart door het congres Transitiepsychiatrie 18-/18+ in Maastricht. Ik was onder de indruk van de jongeren die er waren en de manier waarop ze naar ons vak keken.

Ze waren ten eerste heel kritisch op de classificaties (DSM-V) binnen de psychiatrie. Deze zorgen voor kaders, maar aan de andere kant wilden de jongeren ook gehoord worden. Daar zat volgens hen soms echt een kloof tussen. Ze waren niet tegen classificaties, maar wel wanneer het hindert om naar hen geluisterd te worden. Ten tweede kreeg ik de vraag om ook eens over MIJN kwetsbaarheid te praten. Jongeren moeten alsmaar kwetsbaar zijn, maar behandelaren waren dat nooit. Vanaf toen ben ik samen met jongeren lezingen gaan geven. Zo is praten over mijn kwetsbaarheden mondjesmaat wat begonnen.

Als psychiater over jezelf praten

Maar als het gaat over echt meer vertellen over mijzelf, dan is er ook echt een turning point geweest. Via via kwamen ouders die hun kind aan suïcide waren verloren bij mij terecht. Die mensen wilden uitleg over waarom hun zoon dat had gedaan. Ze hadden geen enkele aanwijzing waardoor het voor hen zo out of the blue was gebeurd. Ze hadden in eerste instantie contact gezocht met lokale GGZ instellingen, maar daar konden ze niet terecht omdat ze niet als patiënt ingeschreven konden worden. Dat vond ik heel erg. Dus toen ik hierover een DM via Twitter ontving heb ik met de ouders afgesproken.

Gaandeweg het gesprek heb ik voor het eerst over mijzelf verteld, omdat ik mij kon inbeelden wat die jongen gevoeld kan hebben. Ik wist hoe het was om ‘gevangen te zitten’. Dat je op een bepaald moment in een tunnel zit en er nergens licht meer is. Mogelijk heeft hij dit ook zo ervaren. Het interessante was dat zijn vader herkenning toonde, terwijl dit voor het delen van mijn ervaring geenszins het geval was. Dan zie je, als je je eigen ervaring op de goede manier inzet, het ook echt kan helpen.

Toen heb ik een lezing gegeven over mijn leven aan kinderartsen, de van Creveld lezing. Niet enkel over suïcidaliteit, want het is onderdeel van een groter geheel. Uiteindelijk ben ik zo ook uitgenodigd door het programma Zomergasten. Daar heb ik aangegeven ook over mijzelf te willen praten, omdat ik denk dat het goed is om het vandaag de dag te hebben over kwetsbaarheid. In voorbereiding naar deze uitzending heb ik ook veel gesprekken met jongeren. Ik merk dat jongeren dat erg kunnen waarderen. Ze voelen zich hierdoor gesterkt.

Robert Vermeiren zomergasten


B.V. Nederland: we moeten sterk zijn

Geen kwetsbaarheid tonen zit in onze hele maatschappij. Het heeft hier geen plek. Iedereen moet excelleren. Je moet meedoen aan B.V. Nederland. Kracht tonen. Kwetsbaarheid wordt als een soort van zwakte gezien. Veel mensen hebben het daarom ook lang ontkend. Dit leeft ook heel erg binnen ons vak als psychiater, als behandelaar: ‘de ander moet zijn kwetsbaarheid tonen, maar wij moeten sterk zijn’.

Bij Curium zie ik daar de resten nog van. Het wordt al decennia niet meer gebruikt, maar er zitten nog allemaal rode lichtjes voor de kamer: ‘we moeten ons afschermen, we mogen niet gestoord worden’. Vroeger mochten behandelaren ook niet met kinderstoeltje naar Curium komen, want patiënten mochten niet weten dat ze een kind hadden. Laat staan dat ze zouden weten dat je zelf ook een probleem hebt en dat OOK nog eens deelt. Dat was vroeger echt ondenkbaar!

We willen anderen niet ontredderen,.. maar ik denk dat we nu wel moeten concluderen dat het echt doorgeslagen is. En dat we nu moeten gaan bekijken hoe kwetsbaarheid wél in te zetten. Het is niet de bedoeling om het te pas en te onpas in te zetten, maar wel als het een doel dient. Ik merk ook dat steeds meer collega’s hiervoor openstaan en naar mij toe komen en het gesprek aan te gaan over kwetsbaarheid.

Nooit een diagnose gehad

Mijn jeugd speelde zich af in de jaren 80, toen was het zeker niet gebruikelijk naar de kinderpsychiatrie te gaan. Dat ik zonder hulp sta waar is sta is zeker voor een groot deel toeval. Je komt mensen tegen en je kunt daardoor een goede of slechte richting op gaan. Dat bepaalt de turning points die we vaak in therapie zien. Dat is één. Maar laat ik eerlijk zijn: ik heb wel geluk gehad. Ik zat in een goede familie, met middelen en mogelijkheden. Niet dat we rijk waren, maar ik zat wel in de betere kringen. Ik kon naar een goede school enzovoort. Ik weet niet wat er van me was gekomen als ik in een slechte buurt opgegroeid was in Gent. Ook daar kan het natuurlijk goed gaan ...maar het gaat wel heel erg over de balans van risico’s en sterktes.

Het kan soms echt misgaan helaas, ook in deze welstellende tijd. Stel dat ik in de positie had gezeten van al die ouders die gedupeerden zijn van de toeslag affaire, die gemangeld zijn door onze maatschappij.. dan moet je wel heel veel kracht hebben om daar tegenin te gaan en bovenop te komen. Dat kan wel, maar je start wel met 10 - 0 achterstand. Er zijn een hoop omstandigheden te verklaren, maar er is ook veel toeval.

Geen DSM in mijn achterhoofd

Pas op latere leeftijd heb ik professionele hulp gezocht. Daar heb ik wel veel aan gehad. Een gesprek kan heel erg helpen om te structureren. In die zin ben ik voor goede diagnostiek: het verhaal van iemand optekenen. Dat is soms al de helft van de behandeling. Inzicht krijgen in je kwetsbaarheid en zien waar je kracht ligt kan veel betekenen.

Ik ben erg voor die verhalende diagnostiek. Dat is ook waar jongeren om vragen: luister naar mij. We kunnen door een verhaal kijken naar de hele ontwikkeling: naar de sterktes, de beschermende factoren, de kwetsbaarheden, naar de omgeving… en dan kijk je naar wat er opvalt. Slechts een onderdeel hiervan is een DSM classificatie, als het moet.

Waar kunnen wij bij helpen, bij welke onderdelen, om weer meer toekomst te creëren? Een collega psychiater zei laatst tegen me: Als ik met iemand praat heb ik altijd het biopsychosociale model in mijn achterhoofd. Dat is eigenlijk wat moet. Sommige jongeren ontwijken ons want die zeggen: jullie hebben de DSM in jullie achterhoofd. Dat mag niet. Zo moeten psychiaters niet kijken, want dat is maar een heel klein onderdeel van iemands verhaal.

De essentie van psychiatrie is vertrouwen. Door te snel naar zo’n label te gaan, geloven jongeren dit beeld soms niet, maar gaan ze er daardoor wel naar handelen. Dat moeten we niet hebben. Het gesprek moet aangegaan worden en er moet worden nagedacht over wanneer wat terug te koppelen: Wat zien we in het hele verhaal en wat herkent de jongere wel en niet?

Robert Vermeiren over kwetsbaarheid, kracht en ervaringsdeskundigheid


Het belang van ervaringsdeskundigheid

We hebben nog geen echt antwoord op hoe belangrijk ervaringsdeskundigen binnen de psychiatrie zijn, maar wat ik zie is dat ze een cruciale rol kunnen spelen. We leunen in de huidige maatschappij te veel op professionals. Ik denk dat ervaringsdeskundigen een gat dat ontstaan is in deze maatschappij kunnen opvullen. In beleid, door ons te spiegelen. Wij hebben als professionals altijd blinde vlekken. Die blijven komen. Zij moeten ons hierop wijzen, op beleidsniveau.

Ook in het onderwijs kunnen ze een rol spelen. Ik heb het afgelopen jaar al mijn colleges met een ervaringsdeskundige gedaan. Ook in onderzoek betrekken we ervaringsdeskundigen. Binnen de zorg kijken we ook hoe dit op groepsniveau kunnen doen, maar ook het inzetten van ervaringsdeskundigen bij jongeren waarmee we de klik niet helemaal krijgen. Daar doen we nu ook onderzoek naar. Ik wil het niet te makkelijk inzetten. Ik wil vooral dat het lukt.

De inzet van ervaringsdeskundigheid is nu veel te gratuit. Er wordt gezegd ‘ga dat doen met ervaringsdeskundigen’, maar er is niets georganiseerd. Hoe gaan we het bij elkaar krijgen? De organisaties die het doen krijgen allemaal enkel tijdelijke financiering. De overheid moet dat gaan financieren. De kosten zijn erg laag als je bedenkt wat het oplevert. Ik wil hier op 1 augustus bij zomergasten graag ook aandacht voor vragen.

De corona generatie

De overheid moet meer echt diep en warm aandacht hebben voor jongeren én ze begrijpen. Ze worden nog teveel als kleine volwassenen gezien. Dat hebben we nu gezien bij het loslaten van de maatregelen. Ze hebben echt niet begrepen dat jongeren op het puntje van hun stoel zaten en de hormonen door hun lijf gierden. Dat de overheid vanaf het toegang geven tot ‘dansen bij Jansen’ niets meer over ze te zeggen had. Toen ze dat deden dacht ik: nu is het hek van de dam. Dat er dan nu vanuit de maatschappij een verwijt gaat naar jongeren, ja dat vind ik echt fundamenteel fout. Dan ken je jongeren niet. Zeker als ze samen met andere jongeren zijn, dan zien ze geen risico’s meer. Dat is zelfs aangetoond in hersenonderzoek, dat er dan andere hersenkwabben oplichten dan bij volwassenen.

Ik vind dat er een deltaplan moet komen voor jongeren: Hoe gaan we het doen als het weer de richting uitgaat die we niet willen? Hoe gaan we ervoor zorgen dat ze WEL naar school kunnen blijven gaan. Niet puur door geld te knallen naar die scholen met de boodschap: ‘los het op!’ Maar door met elkaar te kijken hoe dit te doen.

De GGZ in de media

Een van mijn motivaties om mee te doen aan Zomergasten, maar waar ik ook onzeker over ben. Ik ga een aantal verhalen tonen aan de hand van fragmenten: de psychiatrie is zeker heftige materie, maar ik wil óók laten dat het heel hoopvol is. Ik ken zoveel mooie verhalen. Een van die voorbeelden is Mischa. Ze was 4 a 5 jaar lang heel suïcidaal en beschadigde zichzelf regelmatig. Sinds vorig jaar is ze ineens een andere kant opgegaan. Nu gaat het goed, ze doet een opleiding, ze sprankelt.

Het is ook heel mooi werk en dat moet ook getoond worden… maar dat komt niet in de krant. Er leeft nu soms zo’n negatieve sfeer rondom de psychiatrie, dat mensen met psychische problemen gaan geloven dat ze verdoemd zijn. Ik ben ook hartstikke suïcidaal geweest en zag het niet meer zitten. Maar daar kan je wel bovenop komen. Het is mogelijk. We bereiken echt wel al heel veel.

Robert Vermeiren over kwetsbaarheid, kracht en ervaringsdeskundigheid


Ze wisten niet hoe

Ik denk dat de “Praat erover campagnes” van 113 belangrijk zijn, maar dat er meer nodig is. Dat er ook aandacht moet worden besteed aan de omgeving. Voor mij is het heel makkelijk om naar suïcidaliteit te vragen, maar ik weet óók hoe moeilijk het is. Ik vind het belangrijk om mensen de tools te geven om hiernaar te vragen. Ik heb veel gesprekken met ouders, en hoor hoe zeer ze afzien dat ze signalen niet gezien hebben en er niet naar gevraagd hebben. Niet omdat ze het niet wilden, maar gewoonweg omdat ze niet wisten hoe. 

Misschien moeten we ons niet zozeer als eerste richten op ouders, want soms zijn dat de laatsten tegen wie je dit wilt vertellen (ook omdat je ze geen pijn wil doen), maar wel op de mensen die wat neutraler zijn: de sportleraar, de mentor, de docent. Maar laat het niet afhangen van die ene mentor. Er moet een klik zijn. Al ben je de leerkracht van een paar groepen lager en je ziet of hoort wat: ga het vragen. Dit vraagt om menselijkheid, niet om protocollen.

“Er zijn een hoop mensen die suïcidale gedachten hebben. Net zoals dat er een hoop mensen zijn die impulsief of angstig zijn.”

Massaal in therapie bij Robert Vermeiren

Ik kan alleen zeggen dat ik heel veel goede collega behandelaren (psychiaters, psychologen, maatschappelijk werkers etc.) heb. Het is niet zo omdat ik nu even menselijk op de televisie kom, dat ik beter ben dan anderen. Ik denk zelfs dat er veel mensen beter zijn in het vak dan ik dat ben, ...zolang ze maar de tijd en ruimte hebben om het verhaal van iemand op te tekenen en het menselijke te tonen. 

Uitzending Zomergasten: zondag 1 augustus om 20.20 uur bij VPRO op NPO 2.